Laatvlieger Eptesicus serotinus Schreber
Uiterlijk
· lichaamslengte 7 cm, vleugelspanwijdte ca. 38 cm
· gewicht 25 gram; vachtkleur is donkerbruin, tot bruinzwart
· haarpunten op de rug zijn soms licht okerkleurig glanzend
· gezicht en oren zijn zwart
· lichaamslengte 7 cm, vleugelspanwijdte ca. 38 cm
· gewicht 25 gram; vachtkleur is donkerbruin, tot bruinzwart
· haarpunten op de rug zijn soms licht okerkleurig glanzend
· gezicht en oren zijn zwart
Ontwikkeling
· over het paargedrag is weinig bekend; paartijd waarschijnlijk in de herfst
· in mei verzamelen de vrouwtjes zich in kraamkolonies (15 tot 30 dieren)
· de vrouwtjes krijgen één jong per jaar; meestal in de 2e helft van juni
· na 6 weken gaan de jongen zelf op voedsel uit
· over het paargedrag is weinig bekend; paartijd waarschijnlijk in de herfst
· in mei verzamelen de vrouwtjes zich in kraamkolonies (15 tot 30 dieren)
· de vrouwtjes krijgen één jong per jaar; meestal in de 2e helft van juni
· na 6 weken gaan de jongen zelf op voedsel uit
Leefwijze
· over het paargedrag is weinig bekend; paartijd waarschijnlijk in de herfst
· in mei verzamelen de vrouwtjes zich in kraamkolonies (15 tot 30 dieren)
· de vrouwtjes krijgen één jong per jaar; meestal in de 2e helft van juni
· na 6 weken gaan de jongen zelf op voedsel uit
· over het paargedrag is weinig bekend; paartijd waarschijnlijk in de herfst
· in mei verzamelen de vrouwtjes zich in kraamkolonies (15 tot 30 dieren)
· de vrouwtjes krijgen één jong per jaar; meestal in de 2e helft van juni
· na 6 weken gaan de jongen zelf op voedsel uit
Schade
· luidruchtig gedrag kort voor het uitvliegen; het uitvliegen van een kolonie gebeurt doorgaans binnen 30 minuten nadat het eerste dier is uitgevlogen
· tijdens de zoogtijd (4 weken) worden per nacht meerdere jachtvluchten gemaakt
· laatvliegers kunnen besmet zijn met een hondsdolheidsvirus (rabiës)
· laatvliegers die zich in spouwmuren bevinden en met rust worden gelaten, zullen geen hondsdolheid op mens en huisdier overbrengen; besmette dieren zijn niet agressief en vallen niet aan
· luidruchtig gedrag kort voor het uitvliegen; het uitvliegen van een kolonie gebeurt doorgaans binnen 30 minuten nadat het eerste dier is uitgevlogen
· tijdens de zoogtijd (4 weken) worden per nacht meerdere jachtvluchten gemaakt
· laatvliegers kunnen besmet zijn met een hondsdolheidsvirus (rabiës)
· laatvliegers die zich in spouwmuren bevinden en met rust worden gelaten, zullen geen hondsdolheid op mens en huisdier overbrengen; besmette dieren zijn niet agressief en vallen niet aan
Wering - preventie
· eventuele bouwkundige wering/preventie dient uitsluitend te worden toegepast in perioden dat er geen vleermuizen aanwezig zijn
· beschermde diersoort, mogen niet worden gevangen of gedood, maar het is ook verboden ze in hun schuilplaatsen te storen
· in geval van hinder door vleermuizen kan voor advies contact worden opgenomen met de Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming, Oude Kraan 8, 6811 LJ Arnhem, tel: 026 – 3704038, e-mail: zoogdier@bigfoot.com
· eventuele bouwkundige wering/preventie dient uitsluitend te worden toegepast in perioden dat er geen vleermuizen aanwezig zijn
· beschermde diersoort, mogen niet worden gevangen of gedood, maar het is ook verboden ze in hun schuilplaatsen te storen
· in geval van hinder door vleermuizen kan voor advies contact worden opgenomen met de Vereniging voor Zoogdierkunde en Zoogdierbescherming, Oude Kraan 8, 6811 LJ Arnhem, tel: 026 – 3704038, e-mail: zoogdier@bigfoot.com
Bestrijding
· onder noodzaak voor bestrijding wordt nadrukkelijk niet verstaan: angst, uitwerpselen op ramen, vensterbanken e.d. of geluidsoverlast
· ontheffing voor bestrijding dient te worden aangevraagd bij de Provincie
· onder noodzaak voor bestrijding wordt nadrukkelijk niet verstaan: angst, uitwerpselen op ramen, vensterbanken e.d. of geluidsoverlast
· ontheffing voor bestrijding dient te worden aangevraagd bij de Provincie
Gerelateerde produkten
